Wat doen jullie eigenlijk?

‘Wat doen jullie precies?’, zo krijg ik met enige regelmaat een vraag. Meestal volgt een lang en enthousiast betoog over wat we doen, en waar we voor staan. Een poging tot ‘de korte samenvatting’ op papier.

De korte samenvatting

Bureau Lagro ondersteunt zorgaanbieders -vanuit de inmiddels vastgeroeste missie om de professionele kleinschalige zorg overeind te houden in een nog immer veranderend zorglandschap – in hun bedrijfsvoering. Dit varieert van ondersteuning in kwaliteit en certificering (individueel of in werkgroepen) tot het ondersteunen bij een aanbesteding of een ondernemersplan. Waar nodig helpen we bij de financiële afhandeling vanuit Jeugdwet en WMO tussen zorgaanbieder en gemeente, ofwel via het ‘berichtenverkeer’ (of op allerlei andere wijzen die gemeenten zelf bedacht hebben).

We doen dit altijd vanuit de gedachte van ‘zelfregie’ en ‘eigen kracht’ bij de zorgaanbieder, het zelfde gedachtegoed waarmee ‘onze’ zorgaanbieders ook hun cliënten begeleiden. We nemen niets uit handen, en nemen niets over. We gaan er vanuit dat een zorgaanbieder prima in staat is om zelf zijn eigen bedrijf te runnen. Dit alles wel vanuit het ‘Stepped Care principe’ van ondersteuning op verschillende niveaus, onder het motto ‘zo licht als mogelijk, zo zwaar als noodzakelijk’. Op- en afschalen is niet alleen in de zorg van toepassing, maar ook bij ons :).

Onze klantenkring varieert van ambulante begeleiding tot kleinschalig wonen, en alleen in Noord Nederland, waarbij we – in contacten met de vele gemeenten – de kleinschalige zorg steeds weer op de kaart te zetten. Omdat we simpelweg geloven in de kracht van kleinschalige zorg.

De lange samenvatting

Schrijf ik de lange samenvatting dan doen we vooral ook – en dat is misschien nog wel onze grootste toegevoegde waarde – niets anders dan verbinden. Hierdoor is inmiddels een stevig netwerk ontstaan van psychologen- en orthopedagogenpraktijken, ambulante begeleiding, ervarend lerentochten, wooninitiatieven en dagbestedingslocaties. Ze delen hun kennis, volgen gezamenlijk trainingen of scholingen en werken samen op cliënt- en/of organisatieniveau.

Scholing op het gebied van medicatieveiligheid bijvoorbeeld, of ziektebeelden, maar ook biedt een van onze zorgaanbieders bijvoorbeeld een weerbaarheidstraining aan voor medewerkers in de zorg, waarbij je de-escalerend leert ingrijpen bij probleemgedrag of agressie.

Onze klanten werken op organisatie- en cliëntniveau samen. Van gezamenlijke intervisies, hoofd- en onderaannemerschap: cliënt die bij Meet woont, wordt behandeld door Praktijk Gravenburg waarbij – omdat het doel terugkeer is naar huis is – het gezin wordt ondersteund door Noorderkompas. Of de cliënt die individuele begeleiding krijgt van Empasa, en dagbesteding in Drachten doet bij ZWAT. Ook is het samenwerkingsverband van het aantal kleinschalige Jeugdhulpaanbieders in Groningen geïnitieerd door Bureau Lagro; neem eens een kijkje op de website www.zorgkracht12.nl.

Verbinden is het leukste dat er is. Waar er wel eens door deze of gene geroepen wordt dat kleinschalige zorg geen continuïteit kan bieden bij ziekte of anders, is dat bij onze aanbieders niet het geval. Ze kunnen bouwen op elkaar.

 

 

Oprichting Bureau Lagro BV

 

Dit jaar vierde Bureau Lagro haar eerste lustrum, want op 22 februari 2012 schreef Andrea Lagro zich in als eenmanszaak Bureau Lagro en startte met de ondersteuning aan in eerste instantie zorgboerderijen, op het gebied van bedrijfsvoering in het algemeen en in het opzetten van kwaliteitssystemen in het bijzonder. Inmiddels werken we gedrieën zij-aan-zij in een dappere poging de kleinschalige zorg in Noord-Nederland op allerlei fronten overeind te houden en blijvend op de kaart te zetten bij gemeenten, in wat zo mooi heet ‘het veranderende zorglandschap’.

We gaan een nieuwe fase in. Om de continuïteit te waarborgen, een stevig bedrijf nog steviger neer te zetten, en een professionaliseringsslag te maken, is de oprichting van Bureau Lagro BV vandaag een feit geworden. Om 11.22 zette ik bij Emmius Notarissen in Appingedam mijn handtekening onder de Akte van Oprichting van Linesp Holding BV en Bureau Lagro BV.  Een eenmanszaak als rechtsvorm is een risico, een BV is meer solide. Ook in verband met de komende aanbesteding ‘Administratiekantoor’ waarbij we onze huidige rol als ‘Contractpartner’ in 2018 willen continueren, was het zaak Bureau Lagro BV ter voorbereiding op te richten en de eenmanszaak in de BV in te brengen.

Vanaf eind 2015 tot op heden hebben we het administratieve proces tussen gemeenten en een dozijn zorgaanbieders (met even zoveel onderaannemers) in de provincie Groningen op bijzonder constructieve wijze en succesvol op ons genomen. Graag willen we die rol, en de rol als intermediair tussen de zorgaanbieders en de Regionale Inkooporganisatie Groninger en 23 Groninger gemeenten) weer met verve kunnen vervullen.

De BV is in elk geval een feit, op naar een (nog) mooie(re) toekomst.

De Kracht van Kleinschalige Zorg

Ooit begon ik met De Kracht van Klein. Omdat ik heilig geloof in de kracht van kleinschalige zorg. Mits deze ook hard werkt aan kwaliteit, en daar bewust, elke dag, mee bezig is. Om altijd weer te verbeteren. Maar de website ligt, wegens tijdsgebrek, al een tijdlang stil. Waar Bureau Lagro begon met het opzetten van kwaliteitssystemen bij zorgboerderijen, is onze ondersteuning op kwaliteitsgebied in vier jaar tijd uitgebreid van het keurmerk van de FLZ (voor zorgboerderijen) naar HKZ Kleine Organisaties en ISO-certificering.

Van kwaliteitssystemen rolden we min of meer toevallig in het – zoals ik het blijf noemen – ‘aanbestedingsgeweld’. Waar we begonnen met De Zorgcombinatie in de gemeente Smallingerland (vier eigengereide kleinschalige aanbieders die er heel bewust voor kozen om niet onder een koepelorganisatie te vallen, en hun eigen koers wilden varen), ondersteunen we de kleinschalige zorg (van ambulant tot wooninitiatieven) inmiddels in heel Noord-Nederland.

Voor een kleinschalige aanbieder in de kop van Drenthe, zoals Zorgboerderij Annen, die zorg biedt vanuit Jeugdwet én WMO – en waar Veendam dichterbij is dan Borger – is het ondoenlijk bij te houden wat er waar precies speelt of moet gebeuren. De groepsapp ‘Drenthe Algemeen’ met vijf zorgboerderijen groeide in anderhalf jaar tijd uit naar een groepsapp ‘Aanbestedingen Noord-Nederland’ met een vijftigtal aanbieders.

De kleinschalige zorg staat steeds meer op de kaart, en daarmee Bureau Lagro ook. De wisselwerking tussen ons en ‘onze’ kleinschalige aanbieders is fantastisch. En daar ben ik heel dankbaar voor. Dat is ooit waarom ik startte met De Kracht van Klein. Wanneer de kleinschalige zorg gaat samenwerken, kunnen ze een enorm aanbod aan zorg neerleggen, aanvullend op de grotere aanbieders. Met als kern: flexibiliteit, korte lijnen, vaste begeleiders en snel kunnen schakelen en op (crisis)situaties in kunnen spelen.

Voor ons is niets mooier dan een cliënt met een hoge zorgvraag, die woont bij Meet Laaghalen, in overleg met JB Noord in een Ervarend Leren Traject met Tjeenz meegaat naar Polen om eens na te denken over zijn leven en wat hij wil veranderen, vanuit een intrinsieke motivatie, en aansluitend ondersteuning krijgt van No Distance. En niet omdat hij iets in een hulpverleningstraject opgedrongen krijgt, maar omdat hij daar na een traject zélf voor kiest. De samenwerking is groots. Bureau Lagro ondersteunt slechts waar nodig. Altijd met het uitgangspunt van zelfregie en eigen kracht van de zorgaanbieder. Net als tussen zorgaanbieder en cliënt. Niet in een rechtsvorm op enerlei wijze vastgelegd, maar geheel op eigen wijze en soms bijzonder eigengereid zelfstandig.

Inmiddels zijn we met z’n drieën. De ondersteuning langs de zijlijn, met name in de ICT- en juridische hoek, komt van Reg Mulder. De administratieve ondersteuning ligt bij Liesbet Montebovi. Samen met onze zorgaanbieders hebben we inmiddels een enorm netwerk opgebouwd. We ondersteunen in aanbestedingen, maar zijn ook Contractpartner Jeugd voor 23 Groningse gemeenten, waar wij voor een dozijn aanbieders het administratieve proces verzorgen. Dit doen wij zonder dat wij daar een marge tussenuit halen, met een vergoeding per jeugdige per jaar vanuit de gemeenten. We werken hard en we werken veel. En ook tussen deze aanbieders ontstond een samenwerkingsverband. Intervisie. Scholing. En we zijn nog niet eens vier maanden onderweg. Zie Zorgkracht 12. Maximale zorgkracht.

Wat een feest. Elke dag weer.

Scholing en ontwikkeling

Met enige regelmaat krijgen wij vanuit ‘het veld’ verzoeken tot scholing of intervisie op diverse vlakken (zorggerelateerd). Naar aanleiding van eerder gegeven scholingen op het vlak van zorgplannen, wet- en regelgeving, medicatie en informatiebijeenkomsten over het ABC van Aanbesteden, biedt Bureau Lagro scholingen en intervisie aan op het gebied van:

  • Wet- en regelgeving – welke wet- en regelgeving is van toepassing op zorgaanbieders
  • Zorgplannen – opstellen van zorgplannen, SMART formuleren van doelen en acties
  • Doelgericht rapporteren – objectief rapporteren op geformuleerde doelen en acties
  • Medicatie – medicatieveiligheid, voorbehouden en risicovolle handelingen, bevoegd en bekwaam
  • Incidenten – agressie, probleemgedrag, incidenten. Wat is eigenlijk ‘agressie’ en wat is een incident? Wat meld ik en wat doe ik er verder mee?
  • Aanbesteden – wat voor vormen van aanbesteden zijn er, waar moet ik rekening mee houden, en hoe zit het bijvoorbeeld met mededinging?

Wilt u op de hoogte gehouden worden van aanbod en data? Stuur dan een mail naar info@bureaulagro.nl of bel ons: 06-25513851

Kennisdagen

De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) is in rap tempo bezig 350 kleinschalige zorginstellingen te bezoeken, de zogenaamde ‘nieuwe toetreders’. Het gaat hier niet alleen om AWBZ-zorg, maar ook zorg op basis van PGB.

Ondanks het feit dat veel zorgboerderijen en woonzorginitiatieven over een keurmerk of certificaat beschikken, blijkt niet elke kleinschalige zorginstelling aan vigerende wet- en regelgeving te voldoen. Voor kleinschalige zorginitiatieven die hier meer over willen weten, organiseert Landmerc+ in samenwerking met Bureau Lagro volgende week twee kennisdagen rondom Utrecht en Zwolle. Zwolle zit inmiddels meer dan vol, op de locatie in de buurt van Utrecht zijn nog een aantal plaatsen beschikbaar.

Goede zorg is niet altijd goed genoeg!

De door de inspectie gesignaleerde tekortkomingen kunnen zijn:

  • Ontbreken van (ondertekende) zorg- of begeleidingsplannen,
  • Doelen zijn niet SMART geformuleerd,
  • Ontbreken van een cliëntenraad of klachtencommissie,
  • Medicatieverstrekking die niet voldoet aan de richtlijn ‘Veiligheid in de Medicatieketen’,
  • Geen adequate rapportage en verantwoording.

Ook de facturatie van PGB gerelateerde zorg blijkt vaak niet aan de eisen van instanties te voldoen. Daarnaast wijst alles erop dat gemeenten in het kader van de transities in de zorg de nodige eisen zullen stellen aan de kwaliteit van rapportage en verantwoording.

Voor kleinschalige zorginitiatieven die hier meer over willen weten organiseert Landmerc+ in mei een tweetal kennisdagen. Voor meer informatie, klikt u op deze link.

Wilt u dat wij eens meekijken in uw keuken of u wel voldoet aan wet- en regelgeving en veldnormen? Neem dan contact met ons op.

Zorgen over regeerakkoord ‘Bruggen slaan’

Bureau Lagro werkt veel met en voor zorgboerderijen, de vereniging Boer en Zorg in Noord-Nederland, en andere kleine zorgondernemers. Steeds vaker gaan de gesprekken over ons recente regeerakkoord, de drie grote decentralisatiethema’s en de veranderingen die gaan komen.

Geloof me, het idee van ‘bruggen slaan’, verantwoordelijkheid terug naar de burger met meer regelruimte en minder regeldruk en eerst kijken naar wat de omgeving iemand aan hulp kan bieden, ondersteun ik van harte. Maar… Ik denk dat Nederland zich terecht zorgen maakt of gefrustreerd is door de plannen. Een korte opsomming van mijn zorgen naar aanleiding van gesprekken die ik recentelijk voerde…

Gemeenten en transitie
Ik maak me zorgen over de hulpbehoevenden in onze samenleving, die zich van 1 januari 2014 of 1 januari 2015 bij hun gemeente dienen te melden voor hulp. Ik maak me zorgen over de gemeenten, die er in meer of mindere mate nog lang niet klaar voor zijn, en/of geen idee hebben waar ze moeten beginnen. Ik maak me zorgen over de ‘transitie jeugdzorg’ (de jeugdzorg in Nederland wordt vanaf 1 januari 2015 door gemeenten uitgevoerd). Een Enorme Klus!

En net zo goed maak ik me zorgen over de transitie van de AWBZ naar de gemeenten. Waar gaat het heen met mensen die nu een PGB hebben, of Zorg in Natura? Hoe gaan gemeenten dit oppakken? Wie kiest de gemeente uit om zorg te bieden? In hoeverre heeft ‘de cliënt’ daar zelf inspraak in? Er zal een forse toename van het aantal leveranciers komen, een stijging van het aantal cliënten, nog los van een stijging van cliënten met een meervoudige problematiek.

Gemeenten krijgen bovendien te maken met meerdere partijen die ‘het gesprek voeren’ met en over de cliënt, te denken aan hulpverleners, verzorgenden, huisartsen, Bureau Jeugdzorg, soms de Raad van de Kinderbescherming, grotere of kleinere zorgondernemers of -instellingen. Hoe gaat een gemeente hierop in spelen? En dat met budgetten die 25-40% lager liggen dan de huidig beschikbare budgetten. Gemeenten krijgen een ruime beleidsvrijheid met betrekking tot de concrete invulling van voorzieningen, zolang de gelden maar besteed worden binnen ‘het sociale domein’. Decentralisatie heet dat. Maar is dat goed, of is dat fout? De toekomst zal het leren.

Kleine zorgondernemers

Ik maak me zorgen over de kleine, gespecialiseerde zorgondernemers, waaronder zorgboerderijen die fantastische (en vaak veel goedkopere) zorg bieden en straks tussen wal en schip dreigen te vallen door de veranderende indicatiestellingen. Dit nog los van het feit dat het lastiger is voor de kleinere ondernemers om zichtbaar te worden bij gemeenten of tot onderhandelingen te komen. Als gemeenten straks – net als eerder bij de WMO in gevallen als persoonlijke verzorging en huishoudelijke hulp – gaan onderhandelen met de grote partijen die hulp aanbieden, dan gaat de zeer gewaardeerde zorgboer(in) of de kleine zorgverlener verloren. En dat is nu juist de plek waar de cliënt zo goed gedijt door korte lijnen, vaste medewerkers, rust en regelmaat, vertrouwen, en op de laatste plaats vaak goedkopere zorg. Is een gemeente in staat dit te onderkennen en met de kleinere ondernemers in gesprek te gaan?

Uitkleding AWBZ

De hele uitkleding van de AWBZ heeft nogal wat gevolgen. Zorgzwaartepakketten (ZZP-en) 3 en 4 voor psychiatrische patiënten die straks via de AWBZ niet langer hun hulp kunnen krijgen lijkt me alhaast onmogelijk. Door het uitselecteren of ‘trechteren’ van de zwakkeren in de samenleving kan het niet anders dan dat er mensen buiten de boot gaan vallen. En wat de denken van het scheiden van wonen en zorg in verzorgingstehuizen? Wat heeft dit voor consequenties voor de bewoner? Kan die er überhaupt nog blijven wonen? Waar gaan we heen met onze zorg voor de ouderen, die steeds vaker aanspraak op hulp zullen maken?

PGB’s verdwijnen, zorg in natura wordt anders ingericht, de ZZP-en gaan op de schop, er wordt een minimum aan uren dagbesteding of opvang gesteld, en alleen als er ook sprake is van een indicatie voor persoonlijke verzorging lijk je nog een beetje hulp te kunnen krijgen. Een paar dagdelen broodnodige groepsbegeleiding op een zorgboerderij lijkt niet meer mogelijk te zijn.

Bureaucratie en miscommunicatie

Steeds meer hoor ik over de ontzettende bureaucratie bij het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ), miscommunicatie met Bureau Jeugdzorg door onderbezetting of bureaucratie en vervolgens een trage toestemming en uiteindelijke plaatsing via een instelling of organisatie met AWBZ-erkenning. Papieren, papieren, papieren, bureaucratie ten top. Eerst een jaar wachten op een indicatie, vervolgens weken, maanden wachten op toestemming voordat een cliënt geplaatst kan worden. Tjonge, gaat het werkelijk beter worden als dit bij de gemeente terecht komt? Herindicaties moeten straks opgestart worden en het is nu al een zootje. Om me heen niets anders dan frustraties alom. Niets dan formaliteiten, papieren, bureaucratie en trage communicatie. Het gaat om mensen met een dringende hulpvraag hier, Nederland! Zij willen geen jaar wachten tot ze opvang kunnen krijgen!

Overige zorgen

Vervoersindicaties zullen wijzigen, de vergoedingen worden allengs lager en ook het vervoer dient straks uitgevoerd te worden door de gemeentes. En verder: wat gaat er gebeuren met de sociale werkplaatsen? Kunnen ze straks nog voortbestaan?

Wat gaat er gebeuren met de grotere instellingen? Zijn ze in staat in te spelen op de veranderingen? Berekeningen geven nu al aan dat er veel FTE’s in de zorg gaan verdwijnen door de transities. Gaan we terug naar een situatie in Nederland met wachtlijsten in de zorg? Let maar op, dat kon nog wel eens waarheid worden.

Oplossingen?

Het idee van ‘terug naar vroeger’, naar de wijkverpleegkundige, die de mensen die zorg nodig hebben in dorp of wijk werkelijk kent, die bij cliënten thuis komt, die ze in de gaten kan houden en zo direct op een zorgvraag in kan spelen, spreekt me aan.

Het vergt een kanteling in denken. Niet kijken naar de hulp die iemand nodig heeft, maar naar het resultaat dat we met een cliënt willen bereiken. De cliënt weer centraal stellen in de zorg. Het minimaliseren van de papieren rompslomp. Keukentafelgesprekken voeren met mensen met een hulpvraag, om te kijken wat ze nodig hebben en  wat de omgeving aan hulp kan bieden. Dus ondersteuning waar nodig, en zelfredzaamheid waar het kan.

Terug naar zorg door de gemeenschap, korte lijnen, één Super Hulpverlener per hulpbehoevende. Terug naar werkelijke zorg, vakmanschap en ambacht, naar het inzetten van de kleine zorgondernemers waar de cliënt goede en goedkope(re) zorg kan krijgen, maak gebruik van nieuwe technologieën. Niet op zoek gaan naar de grote zorgaanbieders, maar cliënt- en vraagspecifieke hulp bieden. Bruggen slaan en werkelijk zorgen voor elkaar, dat is een mooie droom.

Maar is het een droom die werkelijkheid gaat worden?

Hulp bij jaarverslag FLZ

Uit de nieuwsbrief van de vereniging Boer en Zorg in Noord-Nederland

Westerbork, 18 februari – De deadline van 28 februari a.s. komt snel naderbij. Er zijn nog 10 dagen te gaan waarin alle resterende jaarverslagen bij de Federatie moeten zijn ingediend. Bij het schrijven van deze nieuwsbrief was slechts 32% van de jaarverslagen bij de Federatie ter beoordeling ontvangen. In de komende dagen moeten er nog ruim 375 jaarverslagen worden ingediend.

De Federatie maakt zich ernstig zorgen over het aantal ontvangen jaarverslagen. In 2012 was op dit moment al 67% binnen. Het jaarverslag is een verplicht onderdeel van het kwaliteitssysteem en we willen voorkomen dat de certificatie van de aangesloten zorgboeren in gevaar komt.

Hulp nodig?

Neem contact met ons op wanneer u door de bomen het bos niet meer ziet bij het schrijven van het jaarverslag, wanneer u lijdt aan ernstig uitstelgedrag of gewoon niet weet waar te beginnen. Bureau Lagro schrijft uw jaarverslag voor een vast bedrag van € 200.

Dit doen we op uw zorgboerderij (we rekenen dan een extra kilometervergoeding) of gewoon vanuit kantoor, met uitgebreide (mondelinge of schriftelijke) input uw kant. We horen graag van u via info@bureaulagro.nl of 06-25513851 (Andrea Lagro). De deadline nadert met rasse schreden, dus wees er snel bij!

Killing ideas harms your future!

Je kent het misschien: je geeft leiding, je wilt dingen veranderen, maar niemand wil mee. Mensen zijn gewoontedieren, en bij elke verandering ontstaat weerstand. Hoe groter de verandering, hoe groter vaak de weerstand.

Jammer, want zo kan een organisatie niet ontwikkelen, niet tot bloei komen, niet groeien (mits de veranderingen bijdragen aan groei en bloei, want ook dát is soms de vraag). Uiteraard is – in het geval van weerstand – de systemische vraag van belang: “Wat gaat er verloren als we het anders gaan doen?” Maar ook: “Wat winnen we erbij, als we het anders gaan doen?” Bij steeds terugkerende weerstand kun je je als leidinggevende afvragen waar deze vandaan komt.

Als het niet iets is dat continu de kop op steekt, kun je met enige creativiteit al een boel in gang zetten. Zoals bij de medewerker die, bij elk idee dat je aandraagt, het antwoord standaard begint met: “Ja maar…”. Funest: een stroom aan inspiratie komt zo nooit op gang, verbeteren gaat je niet lukken en meedenken wordt je, als leidinggevende, onmogelijk gemaakt. Want wat deze medewerker (en soms ook collega’s) betreft blijft alles bij voorkeur bij het oude.

Ook mij overkwam het en ik wijzigde mijn strategie. Ik voerde binnen de afdeling twee regels in:

  1. Geen enkele zin mocht nog beginnen met “Ja, maar…” en
  2. Als iemand met een probleem kwam, werd van de probleemaandrager ook gevraagd om met minstens een oplossing A, een oplossing B en bij voorkeur ook met een oplossing C over de brug te komen.

Het klinkt simpel, maar het werkte fantastisch. Er vond een verandering plaats. Ze werden zich bewust van het feit dat ontwikkeling stagneerde (ook die van henzelf), dat welke vorm van creativiteit dan ook blokkeerde en dat er zo nooit constructieve oplossingen voor problemen bedacht werden. En dat ze zo bleven klagen, wat ze – stiekem – niet langer wilden.

Ter illustratie op YouTube een briljant filmpje: Killing ideas harms your future

Zorg is tijd nemen

woensdag 14 maartOké, de Loesje-tekst is er één van een aantal maanden geleden, maar hij blijft geweldig, en sluit perfect aan bij mijn eerdere blog over kentering in kwaliteitszorg.

Bureau Lagro heeft voor de Vereniging Boer en Zorg in Noord-Nederland (BEZINN) op verzoek hard gewerkt aan een stuk over het kwaliteitssysteem van de Federatie Landbouw en Zorg (FLZ). Het gaat over het gebrek aan missie en visie vanuit het oogpunt kwaliteitszorg, en reikt  verbeterpunten en veranderpunten aan. Maar de essentie van mijn verhaal gaat vooral over het niet zichtbaar maken van de zorg die door de zeer gewaardeerde zorgboerderij geleverd wordt. Ook hanteert de FLZ geen heldere lijn in de gevraagde informatie.

Gaat het erom dat de zorgboer(in) de belangrijkste punten ten aanzien van visie, missie, zorg, medewerkers, samenwerking en accommodatie op papier zet, of gaat het om een verplichte uiteenzetting van allerlei door de landelijke organisatie bedachte hersenspinselen en slakken, waar men vervolgens ook nog zout op wil leggen?

Want ik blijf me toch iedere keer weer afvragen wat het nut is van het tellen van het gereedschap dat gebruikt wordt op de zorgboerderij. De zorgboer die hier had ingevuld: tuingereedschap (aantal: veel) , handgereedschap (aantal: veel), en een aantal machines, werd bij de beoordeling van zijn kwaliteitssysteem van repliek gediend met de reactie ‘Specificeer’.

Dienen beitels (of andere gevaarlijk gereedschap) door de zorgboer geteld te worden om er zeker van te zijn dat ze niet gestolen worden? Zodat een deelnemer in een risicogroep er niet iets ernstigs mee gaat doen? Dat zou dan ook in moeten houden dat je aan het einde van de dag al je gereedschap moet tellen om er zeker van te zijn dat je alles nog hebt en dat de deelnemer het pand dus niet eerder mag verlaten dan dat het juiste formulier ingevuld en afgetekend is? Ik maak het nu wat belachelijk, maar werkelijk, wat heeft dit nog met goede zorg te maken?

En wat als je pas een jaar later, bij een nieuwe beoordeling van het systeem, constateert dat de tweede accuboormachine mist, wat dan? Diefstal? Aangifte? Ik begrijp de zin van veel dingen, maar deze ontgaat mij volledig. Een correcte telling van ring-, steek- en dopsleutels, schroevendraaiers, priemen, diverse hamers en mokers, schietloden, schuurmachines (aantal nog te overzien) of het nader specificeren van tuingereedschap, zegt mijns inziens niets meer over het leveren van goede zorg.

Ervoor zorgen dat de juiste deelnemers de juiste materialen gebruiken en pas gevaarlijke(r) apparatuur mogen bedienen wanneer ze van de werking en de risico’s op de hoogte zijn is wél belangrijk. Maar dat punt komt eerder in het kwaliteitssysteem al aan de orde, en ook nog eens bij de risico-inventarisatie en -evaluatie. In dit geval is tijd ook geld. Voor de zorgboer(in). Die in dit geval zijn aandacht veel liever besteed aan de deelnemers dan dat hij beitels telt.

Gelukkig heb ik een luisterend oor gevonden, iemand die graag concrete voorbeelden wil hebben van de frustraties van zorgboeren en zorgboerinnen over het soms zo hete hangijzer kwaliteitszorg. De vraag over gereedschap is er één. En zo probeer ik vanaf de zijlijn, op geheel eigen wijze en in deze blog een tikkeltje baldadig, iets voor deze fantastische groep inspirerende en gedreven mensen te betekenen. Hopelijk is ook hier de kentering in zicht. Want goede zorg is inderdaad tijd nemen. Goede zorg mag geen protocollenziekte worden. En kwaliteitszorg gaat mijns inziens nog steeds over logisch nadenken.